Obama's kinderpropaganda

Sinds een aantal dagen wordt ons gezin geterroriseerd. Door Barak Obama, verstopt in een kinderspeeltje.

Mijn 3-jarige zoon heeft op de Oranjemarkt een Bob de Bouwer pop met motorzaag gekocht. We hadden met hem afgesproken dat hij één speelgoedje mocht uitzoeken. Eerst liep hij de Bob de Bouwer pop nog voorbij. Zijn oog viel op een Nemo badspeeltje van 10 cent. Later bedacht hij zich toch. Hij wilde óók de Bob de Bouwer pop nog. En ach, het was feest, dus wat maalden wij erom. Hij kreeg ook de Bob de Bouwer pop. En later een vliegtuigje, een Happy Meal speeltje dat indertijd gratis was verkregen bij een kleffe hap en nu voor een schandelijke 50 cent werd doorverkocht, een volle gereedschapskist en nog meer van dat soort ongein.

Enfin, die Bob de Bouwer pop. Er zaten geen batterijen in, maar voor die ene euro wilde ik wel geloven dat het ding na het toevoegen van de nodige power nog meer mogelijkheden had. En inderdaad. Bob zaagt er nu lustig op los, begeleid door wat onverstaanbare kreten. Het enige wat we verstaan en wat mijn zoon ook de hele dag herhaalt zijn de woorden: “Yes, we can!”. Zelfs in poppen verstoppen ze tegenwoordig politieke boodschappen. Of zou Obama zich gewoon van ordinair jatwerk hebben bediend bij het bedenken van zijn slogan? Opeens zie ik zoiets dan voor me. Een grote vergaderzaal American style met daarin een glanzende houten tafel waaraan een stel ijverige medewerkers met blocnotes en pennetjes in de aanslag zit te luisteren naar de campagneleider.

‘Het enige wat we nog nodig hebben is een pakkende slogan, you know. Something like “Just do it!” van Nike, you know.
Alle Amerikaantjes knikken enthousiast. Yeah! Let’s do that!
Vragend kijkt de opperamerikaan de tafel rond. Stilte. Men volgt zijn ogen.
Dan buigt een puisterige jongen zich naar voren. ‘Eh… maybe “Yes we can!”?’
Besmuikt gelach. Gefluister. Hier en daar vallen de woorden Bob the Builder. Weer gelach.
De knul wordt langzaamaan rood.
Een dertiger (waarschijnlijk met jonge kinderen) begint de tune van Bob de Bouwer te zingen.
De campagneleider denkt na. Proeft de woorden. Spreekt ze een paar keer zachtjes uit. ‘Yes we can’.
De meute wacht.
Yeah! That’s it! Good work, son. Yes we can!’ Hij herhaalt het een paar keer. En dan nog een keer, met zijn vuist in de lucht: Yes we can!’

En niemand sprak hem tegen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Anti-spam code * * Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.