Miss Moneypenny bakt ze bruin

In het begin vond ik het ongelofelijk spannend. Zou men het wel leuk vinden wat ik allemaal schrijf? Zouden er überhaupt mensen langskomen? Vandaag, 2 mei, is het precies een jaar geleden dat ik mijn eerste column online gooide. Hij heette “Obama’s kinderpropaganda” en doe geen moeite om hem te lezen want columns zijn net als pannenkoeken: de eerste paar mislukken.

Stiekem
Ik vertelde tegen niemand in mijn omgeving dat ik ‘blogde’, dat ik -om met goede oude vriend Jambers te spreken- na een dag zwoegen als een onopvallende secretaresse op een doorsnee kantoor, na het avondeten heimelijk de gordijnen sloot en achter de laptop kroop om geheel anoniem mijn schrijfsels toe te vertrouwen aan het wereldwijde web (denk het sappige Vlaamse accent er zelf bij). Vrienden en familie zeggen namelijk altijd dat ze je pannenkoeken heerlijk vinden; ik wilde reacties van anonieme mensen, mensen die mij niet kenden en die me daarom botweg de lompe waarheid in het virtuele gezicht zouden slingeren.

Naakt
Toen er na een paar weken bloggen slechts een handvol lezers voorbij was gekomen waarvan niemand een reactie achterliet, veranderde ik van gedachten. Op Twitter en op het schrijversforum gooide ik een flensje op. Dat waren tenslotte nog allemaal relatief onbekenden, die zouden me vast niet sparen. Ik schreef er meteen een column over: “Miss Moneypenny goes naked”. Want zo voelde het.

Silly me
Langzaam kwamen er wat reacties binnen en goh, ze waren nog positief ook! Men vond mijn baksels best te pruimen. Ik schreef vrolijk verder. Over loensende logopedistes, mijn eerste onthutsende vakantie-ervaringen in Duitsland en middelbare schoolreünies. Columns over mijn baan als kantoorslaaf en alle facetten van het moederschap leken er ook altijd goed in te gaan. Elke dag leerde ik wel iets. Bijvoorbeeld dat jezelf belachelijk maken goed scoort. En dat ik het aan de kaak stellen van lastige ethische kwesties beter aan anderen kan overlaten. Ineens won ik kort na elkaar twee columnwedstrijden (met “Popstars, yeah!” en “De string is uit!”) en het begon erop te lijken dat het best aardig liep allemaal.

Flying solo
Daarna ging het snel. Ik werd benaderd om voor online magazine Whoopsie Daisy te schrijven, een vlotte site voor en door vrouwen met een gezellig team waarbij ik veel vrijheid kreeg. Sindsdien bak ik tweemaal per maand voor hen en de rest van de tijd voor mezelf, Miss Moneypenny. De bezoekjes stegen rap en er kwamen steeds meer reacties en abonnees. In februari besloot ik daarom los van WordPress te gaan en mijn eigen website op te richten.

Statistieken
Statistieken, ook zoiets. Het is behoorlijk verslavend om te kunnen zien via welke links of zoekwoorden mensen binnenkomen en welke columns men leest, uitgesplitst per dag. Alleen weet je nooit precies wie ze zijn. Sommigen lezen altijd mee, maar reageren nooit. Anderen lezen af en toe, van velen weet ik het niet. E-mailabonnees zijn zichtbaar maar veel van hen ken ik niet eens en RSS feed abonnees zijn niet na te gaan. Het kan zomaar dat al mijn ex-vriendjes, collega’s en de buren elke week heerlijk meegluren in mijn leven. Best een raar idee.

Wie o wie?
Daarom dit verzoek, beste lezers: laat je eens horen! Wie ben je? Wat doe je? Hoe kwam je hier terecht? Wat vond je de leukste column? Welke vond je absoluut niet leuk of van welke zeg je: Beste Moneypenny, dat moet je echt nooit meer doen!
Maar voor iedereen die dit leest: ik ben blij dat je er bent! En met af en toe een reactie ben ik nóg blijer. Dat geeft me iets meer connectie met al die vage statistiekjes die elke dag voorbij komen. Dat maakt het anonieme internetwereldje net wat menselijker.

 

***********************************************************************************
Wil je me helpen door mijn korte thriller “Paspoort naar vrijheid” te nomineren voor de kwartaalprijs van Vrouwenthrillers? Dat zou fijn zijn! Het enige wat je hoeft te doen is dit formulier invullen: http://tinyurl.com/3gxux5s Bij ‘Antwoord’ vul je de titel in. Bedankt!
***********************************************************************************

  14 comments for “Miss Moneypenny bakt ze bruin

  1. Marieke
    2 mei 2011 at 17:50

    Ik ben een van die lezers die nooit wat achterlaat… Ben ik te lui voor *schaam*. Nou hier is ‘ie dan hoor! Ik ben niet je buurvrouw en gluur niet door je gordijnen. Ik ben dat persoontje uit “Montreal, Canada” in je statistieken. Via Viva en Werner’s blog op je site terecht gekomen. En ik lees je blogs met veel plezier! Ga vooral zo door!!

    • Miss Moneypenny
      2 mei 2011 at 19:38

      Canada, wow! Miss Moneypenny goes international! 🙂 Ik heb overigens niet het soort statistieken waar ik plaatsnamen bij zie staan, dus deze info is nieuw voor mij.

      Ik heb je even gegoogled Marieke (dat is wat ik als nieuwsgierig persoontje dan doe, uiteraard) en ik zie dat je ontzettend goed werk verricht op het gebied van borstkankeronderzoek aan een universiteit. Respect! (Wist je trouwens dat ik ook op een universiteit werk? Maar dan eh… op een wat ander niveau. ;-))

      Ontzettend leuk dat je een berichtje hebt achter gelaten!

  2. Di
    2 mei 2011 at 20:10

    Hi there! Nou meis je doet het hartstikke goed! Ik lees je columns met veel plezier! Ik maak er altijd ff tijd voor vrij om ze te lezen. Ga zo door!! Groetjes uit Roosendaal

    • Miss Moneypenny
      2 mei 2011 at 22:05

      Hé Di, gezellig dat je een reactie achterlaat en bedankt voor het compliment. Groetjes terug. Uit Deutschland deze keer. 😉

  3. 2 mei 2011 at 21:42

    Ik ben Trenke, ik ben 36 jaar 🙂 en ik kom hier meestal sinds ik je op Twitter heb. Ik reageer eigenlijk niet heel vaak, omdat ik vooral een reactie plaats als ik iets echt heel goed vind of als iets me heel erg raakt of zo. Meestal vind ik je columns prima. “De string is uit” vond ik erg grappig.

    • Miss Moneypenny
      2 mei 2011 at 22:05

      Ha die Trenke. Het is ook leuk om jouw columns te lezen. Dank voor je bijdrage weer. 🙂

  4. 3 mei 2011 at 10:21

    Hi! Ik lees je ook altijd, meestal laat ik ook wel een reactie achter. Ik ben op je site gekomen via WD! Leuke, grappige stukjes schrijf je! x

    • Miss Moneypenny
      3 mei 2011 at 22:19

      Bedankt Mich! Leuk ook dat je regelmatig iets van je laat horen. Jouw blogs mogen er trouwens ook zeker wezen! Jouw leven is net een soap zeg. Om van te smullen… 😉

  5. des
    3 mei 2011 at 10:40

    je weet toch wel dat ik meelees he?
    die reacties vond ik op het laatst best verslavend. elke keer maar kijken of iemand wat had achterlaten, en toen kreeg ik zo’n druk om nog leuker/beter/grappiger te schrijven. terwijl het is begonnen als pure uitlaatklep. dus heb ik mijn reacties uitgezet. terwijl ik soms ook erg nieuwsgierig ben wie er allemaal meeleest. dus misschien vraag ik dat ook eens een x via een stukje
    nou dag xxx je ex collega 😉

  6. Miss Moneypenny
    3 mei 2011 at 22:21

    Haha, tuurlijk Des! (“Ah nee hè, een ex-collega die meeleest.”) Maar wel een hele leuke die zelf ook blogt als de beste! Qua grappigheid versla jij werkelijk iedereen dus jij hebt eigenlijk helemaal geen statistieken nodig. 🙂

  7. 2 juli 2011 at 15:48

    Haha,wat schrijf je geweldig!!
    Ik kom hier via Whoopsie Daisy en kom zeker nog eens terug;).
    Kan niet zeggen welke column ik het leukst vind,moet de hele tijd om je lachen….je schrijft écht erg leuk!!
    Groetjes Ingrid(vanaf nu een fan van je!!)

    • Miss Moneypenny
      2 juli 2011 at 20:32

      Jeetje, een fan! Dat ik dan nog eens mag meemaken. 😉 Bedankt voor je complimenten. Hartstikke leuk dat je zo enthousiast bent! Tot ziens, hier of op Whoopsie Daisy. 🙂

  8. Nathalie
    10 juli 2011 at 00:20

    Ook ik geniet van je verhalen! Sinds kort eigenlijk…wel vind ik het jammer dat je bij sommige verhalen verder moet lezen op Whoopsy Daisy dan zit je er net in en moet je overklikken op een andere site…maar ik kom zeker terug 😉

  9. Miss Moneypenny
    10 juli 2011 at 20:08

    Bedankt voor je reactie @Nathalie, leuk dat je terug wilt blijven komen, ondanks het doorklikken. 😉 Ik begrijp je wel hoor, maar het tweemaandelijks bloggen voor Whoopsie Daisy is voor mij een leuke afwisseling. Ik maak deel uit van een gezellig team, een prachtig online magazine en daarnaast bereik ik een groter publiek met mijn columns dan wanneer ik alleen op mijn eigen site zou publiceren. En zo werkt dat als schrijver toch hè. Je wil wel graag dat je schrijfsels ook gelezen worden. Het liefst door zo veel mogelijk mensen. 😉

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Anti-spam code * * Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.